
Duurzame mobiliteit is meer dan een ecologische keuze. Het is ook een sociale hefboom. Fietsdeelinitiatieven zoals Op Wielekes, waar kinderen een kwaliteitsvolle fiets kunnen lenen en inruilen wanneer ze groeien, bewijzen dat dagelijks. Ze geven gezinnen toegang tot betaalbare mobiliteit, stimuleren circulaire economie én versterken gemeenschappen.
Toch blijkt uit onderzoek van Arteveldehogeschool binnen het BBBC-project Alle Kinderen op Wielekes dat niet iedereen even makkelijk de weg vindt naar dit soort initiatieven. Vooral kansengroepen – gezinnen met een beperkt inkomen, mensen met een migratieachtergrond of mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt – zijn ondervertegenwoordigd.

Waar liggen de drempels?
Uit gesprekken met depothouders blijkt dat kwetsbare gezinnen vaak niet bereikt worden via de klassieke communicatiekanalen. Sociale media en gemeentelijke infobladen slaan de plank mis. Een persoonlijke doorverwijzing via scholen, welzijnsorganisaties of buurtwerkingen werkt veel beter.
Daarnaast spelen ook financiële en administratieve drempels mee. Onzekerheid over kosten of ingewikkelde bonnensystemen zorgen ervoor dat gezinnen afhaken. Voor anderstaligen vormt de taalbarrière een bijkomende hindernis. En het gebruik van een tweedehandsfiets wordt soms geassocieerd met armoede, wat deelname minder aantrekkelijk maakt.
Het ledenprofiel bevestigt dit beeld. Uit een survey blijkt dat de meeste leden uit de middenklasse komen: Nederlandstalig, financieel voldoende sterk en sociaal ingebed. Slechts een heel klein percentage maakt gebruik van een kansentarief of geeft aan een migratieachtergrond te hebben.

Wat kan helpen?
Het onderzoek wijst op verschillende pistes om meer gezinnen te bereiken, waarvan een aantal al geïmplementeerd worden door Op Wielekes. Samenwerking met scholen en welzijnsorganisaties is beloftevol, net als meertalige en eenvoudige communicatie. Depothouders zien ook kansen in fietslessen voor gezinnen die minder vertrouwd zijn met fietsen. Daarnaast kan het betrekken van vrijwilligers uit kansengroepen niet alleen inclusie bevorderen, maar ook de stabiliteit van de depotwerking versterken.

Zowel als lid en als vrijwilliger
Kansengroepen kunnen op twee manieren betrokken worden: als lid en als vrijwilliger. Als lid hebben gezinnen vooral nood aan betaalbare tarieven, duidelijke communicatie en laagdrempelige toegang. Als vrijwilliger ligt de nadruk op erkenning, opleiding op maat en een rol die aansluit bij hun mogelijkheden. Vrijwilligerswerk kan een hefboom zijn naar meer zelfvertrouwen, nieuwe vaardigheden en een groter netwerk. Voor de depots betekent dit extra handen én meer diversiteit in de ploeg. Belangrijk daarbij is dat depots er bewust voor kiezen om deze rol open te stellen en voldoende begeleiding te voorzien.

Twee AI-gebaseerde persona’s
Om de onderzoeksresultaten concreet te maken, creëerden de onderzoekers met behulp van AI twee persona’s die typische ervaringen van kansengroepen verbeelden.
- Samira, een alleenstaande moeder met migratieachtergrond, gebruikt Op Wielekes om haar kinderen betaalbare en veilige fietsen te geven. Ze waardeert het warme contact, maar ervaart ook drempels zoals beperkte openingsuren, taalbarrières en digitale toegang.
- Abdi, een werkzoekende vader, is vrijwilliger in een depot. Hij helpt met herstellingen en onthaal, en speelt een brugfunctie voor anderstalige ouders. Tegelijk geeft hij aan nood te hebben aan meer opleiding en duidelijke afspraken.
Deze persona’s zijn niet gebaseerd op echte getuigenissen, maar opgebouwd uit de verzamelde data. Ze tonen hoe kansengroepen zowel baat hebben bij deelinitiatieven, als zelf een waardevolle rol kunnen spelen in de werking.

Naar een inclusiever model
De conclusie is duidelijk: kansengroepen vinden niet vanzelf hun weg naar de depots. Inclusief werken vraagt om actieve outreach, duidelijke en meertalige communicatie en samenwerking met lokale organisaties. Een inclusieve werking maakt het verschil tussen een mooi idee op papier en een initiatief dat écht alle kinderen bereikt.
Door mensen uit kansengroepen als vrijwilliger te betrekken, versterkt Op Wielekes zijn eigen duurzaamheid: meer vrijwilligers, een robuuster businessmodel, groter draagvlak en een hogere maatschappelijke impact
Wil je dieper ingaan op de inzichten en aanbevelingen rond kansengroepen en deelinitiatieven? Lees dan het volledige rapport van Arteveldehogeschool hier.
Door: Claire Maréchal, onderzoeker Arteveldehogeschool
